Groot exportpotentieel voor harde huidvaste ui

Veel uienhandelaren voelen een groeiende behoefte om hun afzetgebied te verbreden. Binnen de internationale uienhandel is er om die reden steeds meer aandacht voor hardheid en huidvastheid. Zaadveredelaar Syngenta probeert hier al jaren op in te spelen en introduceerde onlangs de 'Diamant selectie'. Verkoopadviseur Kees Jacobs zet zich in om deze uienrassen voor het langbewaar segment bekender te maken. Hij doet in Primeur een boekje open over de positieve bijdrage die het uienprogramma de sector te bieden heeft.
 
Vanuit de export komt er steeds meer vraag naar een harde ui die ook huidvast is, merkt Kees Jacobs, verkoop- en telersadviseur bij Syngenta. "De uienhandel heeft meer oog voor overzeese markten. Zo kwamen ook landen in Azië in beeld, waaronder Maleisië, Indonesië en de Filipijnen. Landen met een doorgaans hoge luchtvochtigheidsgraad. Maar waar de Afrikaanse markt genoegen neemt met bulk van mindere kwaliteit, is dat binnen deze Aziatische landen absoluut niet het geval."


 
Overzeese omstandigheden
Dat ondervond ook Wim Waterman. "Net als zoveel andere exporteurs reisde hij zijn uien achterna. Daar schrok hij van de kwaliteit van de uien bij aankomst. De hoge relatieve luchtvochtigheid gecombineerd met fikse temperatuurschommelingen bleken funest voor de kwaliteit. Je zag de huiden en vellen van de uien afbladderen. Toen werd duidelijk dat alleen uien van de allerbeste huidkwaliteit daar naartoe kunnen. Dat verklaart ook waarom er een verschuiving is geweest naar een breder assortiment huidvastere rassen", schetst Kees. "Er moet echt wel iets spelen voordat de uiensector overgaat op een ander ras. De sector is op het vlak van rassenkeus vrij behoudend.
 
Vraag naar meer huidvaste kwaliteit
Langzaamaan begint ook binnen Nederland het kwartje te vallen, merkt Kees. "Retailers vragen vaker om uien met een meer huidvaste kwaliteit, omdat consumenten klagen dat er soms kale uien in het schap liggen. Dat komt wel eens voor als de uien niet op constante temperatuur worden bewaard." Het vruchtvlees van de ui krimpt in dit proces en zet ook steeds weer lichtelijk uit. De huid en de buitenschil eromheen kunnen daar niet mee omspringen en scheuren vervolgens open."
 
Diamant selectie
De Diamant selectie voorkomt dat euvel. "De truc zit hem hier in het feit dat de schil eromheen stug en hard is en dat er rondom het vruchtvlees meerdere huiden zitten. Springt één daarvan er onverhoopt af, dan heb je nog een onderlaag", legt Kees uit. Onder dit uienprogramma vallen momenteel drie rassen: een hele vroege (Vision), middel (Motion) en late (Progression). Hiermee is er voor ieder teeltmoment een ras beschikbaar om de oogstcycli zo lang mogelijk te houden. "Kenmerkend aan de Diamant Selectie is de combinatie van hardheid en huidvastheid. Syngenta selecteert hiervoor uitsluitend uien met een hardheidsindex hoger dan 100, volgens de rassenvergelijking van het onderzoek uitgevoerd door de UIKC in opdracht van Uireka." Dit biedt de nodige voordelen: de handel kan in grotere mate zelf bepalen wanneer een partij uien in de verkoop gaat. De noodzaak om hem vroeg te verkopen uit vrees dat de kwaliteit achteruit gaat, verdwijnt daarmee. Zo kan de handel ook beter meeliften op de overzeese importvraag."


 
Kwaliteit versus opbrengsten
Binnen de sector is er verder een voortdurend spanningsveld tussen kwaliteit versus opbrengsten. "Huidvastheid en hardheid is binnen de veredeling altijd ons uitgangspunt geweest. Op plaats twee kwamen de opbrengsten. Bij veel andere firma's was dat precies andersom." Daarbinnen lijkt – om in jargon te blijven – een kruisbestuiving plaats te vinden. "Je ziet dat andere bedrijven zich duidelijk gaan richten op het verhogen van de kwaliteit. Binnen onze veredeling selecteren we momenteel juist meer op hogere kilogram opbrengsten zonder in te boeten op de overige eigenschappen. Voor telers blijft rendement immers erg belangrijk. De rassen die daarin excelleren, liggen nu voor het tweede jaar in interne beproeving", vervolgt Kees.

Ziekteresistentie speelt volop
Wat volgens de adviseur nog steviger speelt, is de resistentie tegen ziektes. "Grondgebonden ziektes, met stip op nummer 1 fusarium, maar ook valse meeldauw, hebben behoorlijk wat voeten in de aarde. Nu gewasbescherming vanuit de publieke opinie in een kwaad daglicht staat, krijgen resistente of op zijn minst tolerante rassen binnen onze veredeling volop de aandacht." Dat legt een hoop druk op de veredelaars, erkent hij, omdat alle aspecten moeten kloppen. "Er zijn op het moment diverse rassen die tolerant zijn op fusarium, maar waarvan de huidvastheid nog niet optimaal is."
 
Toekomstverwachtingen
Gevraagd naar zijn toekomstverwachtingen ziet Kees voor de langere termijn potentieel in het rode uiensegment. "De groei binnen rode uien is de laatste jaren opzienbarend. Voor deze langedag planten komt ook binnen de veredeling steeds meer aandacht, hoewel daar op het vlak van veredeling nog veel werk verricht moet worden. Daar liggen zeker de nodige uitdagingen."
 
Hij zegt het exportpotentieel van gele uien ook de komende tijd niet te moeten onderschatten. "Die markt is op dit moment in mineurstemming, omdat er naar het idee van veel telers teveel aanbod is. Aan de andere kant is men in de exportmarkten nog zeker op zoek naar gele uien. Daar is nog voldoende plek. De toekomst ligt dus ook in het creëren van meer evenwicht."
 
kees.jacobs@syngenta.com
 
Klik hier om je te abonneren op Primeur

Publicatiedatum :



Ook onze agf-nieuwsbrief ontvangen? | Klik hier


Ander nieuws uit deze sector:


© UienNieuws.nl 2018