Abonneren

Vacatures

"Tweetende tuinders"

Top 5 - gisteren

Top 5 - afgelopen week

Top 5 - afgelopen maand

Weer

Weersverwachting
Nederland
Meer weer in Nederland weeronline.nl Altijd jouw weer

De Groene Vlieg:

"Start uienseizoen onder ongekend moeilijke omstandigheden"

Dit jaar is weer opnieuw een bijzonder jaar aan het worden voor de uienteelt. Telers hebben te maken met ongekende droogte en afhankelijk van de regio met een vaak slechte bodemstructuur en
daardoor een zeer matige opkomst. Daaruit volgde een meerwassigheid en een moeizame onkruidbestrijding. Er zijn wel grote regionale verschillen, en dat geldt zeker ook voor de irrigatie
mogelijkheden, schrijft De Groene Vlieg in de nieuwsbrief van juni. 
Ook voor de Groene Vlieg was het een jaar dat niet als ‘standaard’ geldt. Door de hoge temperaturen in het winterseizoen liep de temperatuursom van de bodem zodanig snel op dat de uienvlieg ongeveer 2 weken eerder ontwaakte uit de winterrust, in vergelijking met een meerjarig gemiddelde. We zijn dan ook vroeger van start gegaan met de SIT. De eerste vlucht is snel opgelopen en we zitten nu aan de dalende kant van de eerste vluchtcurve.
Dit jaar zijn er percelen waar de bonenvlieg opvallend veel aanwezig is. Het schadebeeld lijkt op dat van de uienvlieg, maar het is een heel ander beestje dat ook om een andere bestrijding vraagt.
Daarnaast zijn er relatief veel percelen die behoorlijk last van de uienmineervlieg hebben. Dit lijkt wel regioafhankelijk te zijn.
Zowel de uienvlieg als de bonenvlieg worden beïnvloed door droogte en warmte. De uienvlieg was net als vele insecten in de droge perioden minder actief. We zien aan de hand van de totale
insectenvangsten dat dit zich nu wel aan het herstellen is door de weersveranderingen van de afgelopen weken.

“Wat doen jullie nu eigenlijk precies?”
Adviseurs en veldmedewerkers krijgen nog steeds wel eens de vraag wat we precies doen, vandaar hier nog even een korte samenvatting: Elke week bezoeken we de percelen die meedoen met de SIT. Tijdens dat bezoek halen we de vangsten uit de witte bekertjes. Deze worden gebracht naar het laboratorium waar bepaald wordt wat de perceelpopulatie is. Tijdens deze bezoeken brengen we ook een populatie steriele vliegen op het perceel. De hoeveelheid steriele vliegen die op het perceel uitgezet wordt is afhankelijk van meerdere
factoren. De belangrijkste factor is de weekvangst in de witte bekertjes. Aan de hand van deze vangsten wordt bepaald hoe de twee populaties (wilde uienvlieg en steriele) zich verhouden. We zorgen altijd voor een overmaat aan steriele vliegen. In enkele regio’s (de Noordoostpolder en Drenthe bijvoorbeeld) is de druk van de uienvlieg echter zo hoog dat de steriele vliegen niet afdoende werken.
In dat geval geven we, als de druk te ver oploopt, een aanvullend spuitadvies. 
Er wordt wel eens gevraagd: “kunnen jullie ons geen uitslagen geven?” Ons antwoord is dat de teler er niets aan heeft als hij wekelijks een lijst met getallen krijgt van vangstverhoudingen waar hij niets mee kan doen. Het doel van de SIT is om de uienvliegdruk beheersbaar te maken of te houden. Dit is een voorwaarde voor een goede uienteelt, zeker nu er minder uitgeweken kan worden naar chemische alternatieven. 

Vervolg van het seizoen
De eerste vlucht uienvliegen zal binnenkort overgaan in de tweede vlucht. Meestal ligt de intensiteit van het aantal vliegen dan hoger dan
tijdens de eerste vlucht. De schadegevoeligheid van het gewas neemt wel af als de uienplanten gaan bollen. Toch blijven wij doorgaan met de bestrijding van de uienvlieg tot zelfs in de derde vlucht. Dat
doen we als investering voor het volgende jaar met als resultaat een afbouw van de gebiedspopulatie. Ook bij vroeg gerooide uienpercelen kunnen we nog doorgaan met de SIT. In rooiresten vermeerderen de
aanwezige uienvliegen zich namelijk en vormen zo de basis voor de populatie van het volgende jaar.

“SIT en tripsbestrijding, gaat dat samen?”
Wat tijdens de tweede vlucht speelt, is dat er vaak bestrijdingen uitgevoerd worden tegen trips. Dit verschilt van jaar tot jaar en ook zijn er veel verschillen per perceel en regio. De vraag of tripsbestrijding samen kan gaan met de SIT wordt regelmatig gesteld.
Als u een dusdanige tripsaanwezigheid hebt aangetroffen dat bespuiting nodig is, heeft dat altijd voorrang. Tripsbestrijding is op dat moment prioriteit. Als er gebruik gemaakt wordt van Movento of
Flipper heeft de steriele vlieg er geen schade van.
Wanneer u gebruikt maakt van pyrethroïden kan de bestrijding beter niet plaatsvinden op de dag van het lossen van de vliegen. U doet dit beter 1 dag ervoor. Mocht de dag van het lossen toch de ideale
dag zijn voor een tripsbestrijding en u maakt gebruik van een pyrethroïde dan heeft dat nog steeds prioriteit. U kunt dan wel even met ons overleggen zodat we misschien een ander moment kunnen
gaan lossen of de vliegen wat verder van het perceel loslaten.
Het is sowieso niet gezegd dat met het gebruik van een pyrethroïde de vliegen massaal gedood worden. De activiteit van de uienvlieg speelt zich voornamelijk af buiten het perceel in de luwteranden. Ze zijn vaak maar een klein gedeelte van de dag aanwezig in het gewas.

Voor meer informatie:
De Groene Vlieg
0321 - 317 118
info@degroenevlieg.nl 
www.degroenevlieg.nl  

HLB
0593 - 582 828
info@hlbbv.nl
www.hlbbv.nl  


Publicatiedatum:



Ook onze nieuwsbrief ontvangen? | Klik hier


Ander nieuws uit deze sector:


© UienNieuws.nl 2020

Schrijf je in voor onze dagelijkse nieuwsbrief om al het laatste nieuws direct per e-mail te ontvangen!

Inschrijven Ik ben al ingeschreven