Terugblik op uienoogst 2010
De prijsverwachting was niet hoog. De oogst verliep dramatisch, veel percelen zijn onder zeer slechte omstandig-heden geoogst en zijn later dan gewoonlijk binnengereden. De oogst is tot half november doorgegaan. De prijs bleef laag door het aanhoudende aanbod van afland. De kleur was weg en de kwaliteit veel minder dan we gewend zijn.
De export begon uiteindelijk te lopen en de uien gingen goed weg. De prijzen liepen vervolgens op van € 25,00 tot € 30,00 in december/januari. Er werd voor de kwalitatief slechte partijen toen nog € 16,00 betaald voor Polen. De vorst zorgde er voor dat de export minder gemakkelijk verliep. De kwaliteit die werd geëxporteerd maakte dat ko-pers vanaf februari minder geïnteresseerd raakten in de Nederlandse uien. Dit is sindsdien het grote probleem geweest waardoor het uiteindelijk uitermate lastig werd om de grote oogst geplaatst te krijgen. Maar dat de laatste uien, goed voor zeker nog 20% van de oogst, voor 10 tot 0 eurocent zouden weggaan had niemand verwacht. Al met al blijkt het maar weer: het zijn en blijven uien waarvoor de markt moeilijk voorspelbaar voor is. In onderstaande grafiek terugblik op export. Bron: PT/KCB.
Behoud van kwaliteit is prijsbepalend. Het voorkomen van de bekende ―plekjes‖ op de knolselderij en inwendige gebreken blijven een raadselachtig fenomeen. In enkele weken tijd kan een kwalitatief goede partij degraderen van versmarkt naar industrie, de financiële opbrengst kan zo dalen met 80%. Met andere woorden, het verschil tussen een goed saldo en een sterk negatief saldo kan in korte tijd geheel kantelen.
Veel telers hebben met deze tegenvaller te maken gehad in de afgelopen maanden. De versmarkt is zeer goed geweest, de markt voor industrie ronduit slecht. Ondanks dat de voor-raadmeting van mei 2011 hoopvol was voor de industriemarkt, is dit niet gebleken uit de prijs. Waar vorig jaar de industrie-prijs op 50% van de versmarkt lag, is dit nu met 20% niet meer kostendekkend.
Bron: Nieuwsbrief VTA