Gebrek aan uienbewaringen leidt in Namibië tot meer import

Het gebrek aan opslagfaciliteiten voor overtollige uien in het land belemmert de zelfredzaamheid van Namibië en zorgt ervoor dat import tijdens het laagseizoen wordt gestimuleerd, aldus een recente studie van het Namibische Agronomische Bestuur.

Uit de studie blijkt dat de Namibische markt elk jaar na de oogst een overschot aan uien heeft, maar door de ontoereikende opslagcapaciteiten in het land blijft er van dit overschot weinig over.

Het aanbodoverschot aan lokale uien doet zich voor tijdens het teeltseizoen (mei tot december), terwijl er in het laagseizoen (januari tot april) gewoonlijk een tekort aan lokale uien is, volgens www.namibian.com.

Dit was voor het bestuur aanleiding om een onderzoek te verrichten naar de opslagmogelijkheden voor overtollige lokale teelt. Daarbij werd gelet op het mogelijk maken van 's lands zelfvoorziening wat betreft het uienaanbod, waardoor de import uit Zuid-Afrika, die momenteel 43% van de jaarlijkse vraag bedraagt, verminderd kan worden.

Uien zijn, na aardappelen, de op één na meest geconsumeerde groente in Namibië.

Het bestuur gaf aan dat gedurende gemiddeld 3 jaar (2015/16 tot 2017/18) 43% van de jaarlijks geconsumeerde uien uit Zuid-Afrika werd geïmporteerd. Hiervan vond 90% van de import plaats in het eerste kwartaal.

Er zijn momenteel in Namibië vier teeltbedrijven met kleine opslagplaatsen. Deze bedrijven liggen binnen de driehoek tussen Otavi, Grootfontein en Tsumeb. De vier bedrijven leveren echter minimale hoeveelheden en hun aanbod alleen is onvoldoende om aan de huidige vraag in de periode januari t/m maart te kunnen voldoen.

De NAB-studie heeft verschillende opties voor uienopslag geanalyseerd, die begint met een minimumcapaciteit van 2.000 ton, waarin de staat of particuliere investeerders zouden kunnen investeren om het importhiaat op te vullen.

De opties zijn beoordeeld aan de hand van een financieel model, waarbij rekening is gehouden met de opslagkosten per ton, de netto contante waarde (NCW) van de beoogde investering, de potentiële terugverdientijd en de vereiste opstartkosten.

De studie gaf aan twee categorieën, waar investeerders naar kunnen kijken om het overschot van het land op te slaan: open geventileerde systemen of systemen met een gecontroleerde omgeving.

Volgens de studie zou voor elk systeem een startkapitaal nodig zijn dat varieert van € 11.000 tot € 13.335 om het project van de grond te krijgen.

Met behulp van NPV-prognoses verwacht NAB echter dat investeerders hun investering binnen drie jaar en twee maanden na het opstarten van de activiteiten zouden terugverdienen.

Naast de inkomsten die in de bevindingen van het onderzoek worden genoemd, bestaat er ook de mogelijkheid om uien te oogsten in het laagseizoen in Namibië.

Het succes van dergelijke acties buiten het seizoen zal echter volledig afhangen van de toepassing van de juiste teeltmethoden in de zuidelijke centrale regio, wat een zorgvuldige selectie van de telers vereist en een zekere mate van zorgvuldigheid bij het planten en oogsten.

De totale binnenlandse uienteelt bedroeg over een periode van drie jaar (2015/16- 2017/18) gemiddeld ongeveer 11.766 ton, met een binnenlands verbruik van 5.729 ton, terwijl gemiddeld 8.483 ton per jaar werd geëxporteerd.


Publicatiedatum:



Ook onze nieuwsbrief ontvangen? | Klik hier


Ander nieuws uit deze sector:


© UienNieuws.nl 2020

Schrijf je in voor onze dagelijkse nieuwsbrief om al het laatste nieuws direct per e-mail te ontvangen!

Inschrijven Ik ben al ingeschreven