Tholen - Joost Fanoy is advocaat bij BarentsKrans met mededingingsrecht als specialisme en volgt de AGF-sector ook als zodanig. Gevraagd naar zijn reactie op de boete, die opgelegd is aan zeven plantuienbedrijven wegens kartelvorming, antwoordt de advocaat: "Als het waar is dat er plantuien zijn vernietigd en er zijn door de bedrijven hierover afspraken gemaakt en informatie uitgewisseld om de markt te beïnvloeden, dan spreek je in feite over twee afzonderlijke hardcore mededingingsovertredingen."
In hoeverre de plantuienhandelaren kans maken in hoger beroep, hangt volgens Fanoy in grote mate van het bewijs en de juiste relevante marktafbakening af. "Het is lastig om daar iets over te zeggen, zonder het besluit te kennen, maar het feit dat de NMa hier zo mee naar buiten komt, doet voor de handelaren het ergste vrezen." De laatste jaren is de NMa wel vaak genoeg teruggefloten door de rechter en kan er volgens de advocaat waarschijnlijk gediscussieerd worden over de vraag of de marktafbakening juist is. "Is Nederland of de Europese Unie in dit geval de relevante geografische markt? Behoren plantuien tot een grotere relevante productmarkt? De relevante marktafbakening is van belang om te bepalen of de afspraken van de plantuienhandelaren wel merkbaar zijn geweest op de markt. Al moet hierbij wel worden opgemerkt dat de merkbaarheid snel wordt aangenomen bij dergelijke hardcore overtredingen."Wel wordt er volgens de advocaat van BarentsKrans in de AGF-sector van oudsher onderling heel wat afgekletst en zijn veel spelers zich niet of onvoldoende bewust van de mededingingsregels. "De bedrijven zitten mijns inziens vaak te dicht op elkaar en zijn zich niet bewust van de risico’s. Dan wordt als reactie gegeven dat de boetes niet in verhouding staan tot de winsten, maar dat is niet de zorg van de NMa. De boete wordt vastgesteld aan de hand van de betrokken omzet en de NMa bepaalt vervolgens of er boeteverhogende of verlagende omstandigheden zijn. Enkel wanneer een onderneming kan aantonen dat een boete zal leiden tot faillissement, dan past de NMa de hoogte van de boete aan. Gezien de huidige economische situatie zie je dat steeds vaker bij NMa-boetes."
"Ik geloof wel dat de NMa de agrarische sector in het vizier heeft, maar dat geldt ook voor andere sectoren. Bedrijven in de AGF-sector verschuilen zich soms ook achter het feit dat ze speciaal zijn of dat ze maar kleine spelers zijn, maar als je vervolgens maar met een paar spelers op een bepaalde markt actief bent, dan ben je niet zo klein. Veel bedrijven denken bij mededingingsovertredingen aan bedrijven als Unilever en Shell, maar de laatste jaren zijn de meeste kartels juist beboet bij kleinere bedrijven. Bedrijven als Unilever en Shell hebben intern compliance programma’s, die zien op de goede toepassing van de mededingingsregels en daar is men dus goed bewust van wat wel mag en wat niet. Dat is bij kleinere bedrijven vaak niet het geval en daarom zie je daar veel activiteit van de NMa. "
"Ook vindt de AGF-sector zich speciaal en zouden daarom de mededingingsregels niet moeten worden toegepast binnen de sector. Door Europa kan dit echter niet zo maar en daarbij komt nog dat elke sector zichzelf speciaal vindt. Ook GMO-geld wordt te vaak als excuus gebruikt. Zo onduidelijk zijn de regels in beginsel allemaal niet. Op mededingingsgebied zijn er juist ook vaak meer zaken mogelijk dan men denkt, maar men moet zich daar wel over willen voorlichten. De NMa hoeft geen stok in het wiel te zijn bij het eigen commercieel handelen", besluit de advocaat
[email protected]