Veel AGF op het EFMI Nationale Verscongres

Verbetering en verduurzaming voedselketen met tech en data

Tholen - Veel consumenten willen bewuster en gezonder eten, maar zijn niet bereid om meer te betalen of concessies te doen aan smaak, kwaliteit en gemak. Tergelijkertijd wordt de verssector in toenemende mate geconfronteerd met complexe issues op het gebied van productiviteit en duurzaamheid. Dat wordt heel duidelijk als het om AGF gaat, wat volop aandacht kreeg tijdens de 7e editie van het EFMI Nationale Verscongres.

Klik hier voor de fotoreportage

Het hete hangijzer van 2022 - Dirk van Gameren, IRI
Deelnemers kregen eerst de trends en ontwikkelingen in Nederland voorgeschoteld, die door IRI worden gedestilleerd afgaande op de supermarktkassadata. De corona-uitbraak is een grote verstoring geweest van die trends, liet Dirk van Gameren, CDG Manager van IRI zien. De oplopende inflatie - “het hete hangijzer van 2022” - is een nieuwe verstoring. “Inflatie is de laatste jaren nooit zo hoog geweest als nu, waarbij het consumentenvertrouwen is gedaald naar onder het niveau tijdens Covid”, zei hij. “De volumes staan inmiddels onder druk, prijsstijging houdt de omzet op peil.” De impact is in de eerste 12 weken van dit jaar zeer groot op aardappelen, met een prijsstijging van 13,2% daalde het volume met 8,8%. De cijfers voor groenten (+7% in prijs, -5,3% in volume) en fruit (+5,8% in prijs, -8,9% in volume) laten dezelfde trend zien. Hierdoor gaan verpakkingsformaten, context effecten (vergelijken van producten in dezelfde prijsklasse) en prijselasticiteit weer een grote rol gaan spelen.

10 jaar leuk en lekker eten bij Landmarkt – Thijs van Banning
EFMI bestaat dit jaar 25 jaar, Landmarkt – “de kleinste winkelformule van Nederland” bestaat inmiddels 10 jaar. Succesfactoren van de winkel zijn onder meer de landelijke ligging en goede bereikbaar, het persoonlijke contact met de klanten en het eigenaarschap van de managers van de categorieën, die zowel de eigen inkoop als verkoop verzorgen. Ook de combinatie met horeca is van toegevoegde waarde.  Oprichter Thijs van Banning nam de deelnemers mee in de ontwikkeling van de low tech winkel.
Bestellingen en logistiek zijn wel geoptimaliseerd en dat moet ook wel met 100 verschillende leveranciers. “Traceability is het bewijs van taste. Er zijn één op één relaties in gesloten ketens met leveranciers dus we weten precies waar het product vandaan komt.”, stelt Van Banning. “Dat kan ook in het groot, met tech kun je een hoop inzichtelijk maken.” Hoewel Thijs van Banning ervan overtuigt is dat opschalen van de Landmarkt-formule goed mogelijk is, ontbreekt het in Nederland aan ruimte en durf van gemeentebesturen om zo’n formule in de periferie van hun gemeente op te nemen.

Met je vork het voedselsysteem veranderen – Jack Stroeken, EkoMenu
De producten die het huidige voedselsysteem voorbrengen, worden door de markt betaald, maar brengen nog evenzoveel milieu- en gezondheidskosten met zich mee. Wetenschappers van de Verenigde Naties hebben begroot dat voor elke uitgegeven dollar aan voedsel, er bijna 2 dollar aan kosten zijn voor het milieu (0,75 dollar) en gezondheid (1,25 dollar). Met lekkere recepten en gemak wil EkoMenu dit getal terugbrengen naar 1:1, dus aan elke uitgegeven euro bij EkoMenu kleeft ‘slechts’ 1 euro aan kosten voor de gemeenschap in de vorm van milieuschade en gezondheid. Ze maken dat tevens inzichtelijk door inzicht te geven in de foodprint van de bestellingen. Elke deelnemer vindt in hun account een persoonlijke Groente, Vitaliteit, CO2ec en Water footprint terug.
EkoMenu heeft hiervoor een eigen software ontwikkeld met onder andere recepten, foodplannen, motivatie van gebruikers door gamificatie etc. Dat platform stellen ze beschikbaar aan andere gebruikers die met een gezonder voedselsysteem aan de slag willen. “Doe met ons mee”, was de oproep van Jack Stroeken.

Data-driven supply chains – Harrij Schmeitz, Fruit Tech Campus
Wat is de impact van data op vers? Harrij Schmeitz, managing director van Fruit Tech Campus liet zien dat data impact heeft op alle onderdelen van de supply chain. Aan het einde beginnend: het product = data. Je kunt aan een appel niet zien wat hij waard is. Je hebt er niets aan zonder dat je de data kent: waar komt de appel vandaan, welk ras, hoe geteeld, brix, etc. etc. Data zijn door de hele keten nodig en die voeden softwaresystemen en sturen robots aan. Een hoog geavanceerde appelverpakkingsrobot bijvoorbeeld moet gevoed worden met data. Voor de ene klant moet de rode kant van de appel boven liggen met de steeltje naar rechts, de andere klant wil juist de gele blos zien en de steeltjes naar links. Eenduidige identificatie als het gaat om locatie en product zijn dus heel belangrijk. Dan kan een Chinese afnemer van peren precies weten van welk plot de peer vandaan komt.

Wanneer data eenmaal gekoppeld worden aan (robots)systemen zal dit de teelt gaan veranderen. Zo kunnen robotplukkers die uitgerust zijn met sensoren datagestuurd perenplukken, maar moet de vorm van de boom daarop worden aangepast, robots volautomatisch gewasbeschermingsmiddel spuiten op alleen de aangetaste bladmassa, wortelsnoeiingen op basis van door drones uitgelezen boomkruinen voor uniformere groei. Hiervoor zijn enorme investeringen nodig. Een grote uitdaging voor de Nederlandse agrisector om dit alles te financieren. “Er ontstaan heel andere teeltmodellen waar onze boeren en tuinders in mee moeten. In de nieuwe wereld is geen ruimte voor kleine telers.”

Valt over smaak te twisten? - Andries van den Bogert, de Groot fresh group
In de jaren ’30 van de vorige eeuw begon Willem de Groot een handel in aardappelen, groenten en fruit vanuit zijn woonhuis in Kerkdriel. Zo’n twintig jaar later schafte Willem een paardenwagen aan genaamd ‘De Kleine Winst’, waarmee hij de lokale markt kon bedienen van AGF-producten. Of iets goed of slecht smaakte, dat wist Willem direct. Ruim 90 jaar later is de Groot fresh group een internationaal bedrijf met wereldwijd eigen sourcing, rijpfaciliteiten en afzet in alle marktsegmenten waarbij smaak het sleutelwoord is gebleven. De Groot fresh group heeft een eigen laboratorium waar dagelijks naast diverse kwaliteitstesten en -beoordelingen ook smaakproeven plaatsvinden. Die data worden nauwkeurig bijgehouden en deze smaakdata helpen het bedrijf bij het nemen van de juiste beslissingen samen met hun partners/afnemers. Tussen smaak en prijs zit geen lineair verband, weten ze inmiddels bij de Groot fresh group. “Bij bananen smaakt duur niet per se lekkerder. Bij sinaasappels is dit minder duidelijk. Data helpt ons om de verschillen per product te herkennen. Met de juiste data is het ook mogelijk om smaak te sturen.”

Tasty technology: de route naar functional food – Edwin Vanlaerhoven, Certhon
Oud-directeur van Valstar Edwin Vanlaerhoven nam de deelnemers van het congres mee naar de mogelijkheden die gecontroleerde teelt (CEA) kan bieden op het gebied van smaak. In eerste instantie zijn gecontroleerde teeltsystemen, telen onder plastic of glas, ontwikkeld om minder afhankelijk te zijn van het buitenklimaat. Inmiddels zijn er teeltsystemen ontstaan die automatisch met behulp van teeltrecepten (zonder dat ‘groene vingers’ nodig zijn) gewassen kunnen telen op voorafgestelde specificaties. Zo kun je sturen op smaak maar ook op inhoudsstoffen. Dit biedt ook de mogelijkheden om heel nieuwe producten te telen. Edwin Vanlaerhoven besprak een tweetal door Certhon ontwikkelde businesscases in aardbeien en tomaten waarbij automatisering inhoudt dat mensen niet naar binnen hoeven en het fruit naar een centrale plaats kan worden gebracht om te worden geoogst. Het kan betekenen dat de producten langer aan de plant kunnen blijven om te rijpen en de smaak te verbeteren. Voor tomaten betekent dit een heel nieuwe manier van telen, niet meer de lucht in, maar “bonsai”. De planten krijgen een optimale gecontroleerde start. De tomaten worden in een keer automatisch geoogst en de plant gaat naar de shredder. Ook ziet hij mogelijkheden voor de combinatie van vis- en groenteteelt (auquaponics).

4E-model – Laurens Sloot, EFMI
Directeur en founder van EFMI Laurens Sloot ging in op het politieke en maatschappelijke vraagstuk van de voedselketen. Hoe kunnen we zaken als eerlijke prijzen, duurzaamheid, volhoudbaarheid en voedselzekerheid zo goed mogelijk met elkaar combineren? Is dat met techniek op te lossen of door gedragsverandering, of zijn beide nodig? Laurens Sloot verhelderde de probleemstelling met het door hem bedachte 4E-model met daarin vier visies: de egocentrische visie (geen verandering is nodig), de ecologische visie (focus op hernieuwbare landbouw), de ecomodernistische visie (tech lost het op) en de economische visie (door ook milieu- en gezondheidseffecten te beprijzen de markt zijn werk laten doen). Aan elk van de visies kleven voor- en nadelen, dus geen van vieren biedt een echte oplossing. Aan het slot van het congres gaf Laurens Sloot het publiek mee dat versketens de toekomst hebben bij verwaarding duurzame ketens. “‘Volhoudbare’ landbouw zal het nog lange tijd van ketensamenwerking, keurmerken en subsidies moeten hebben.”

Klik hier voor de fotoreportage


Publicatiedatum:
Auteur:
©



Ook onze nieuwsbrief ontvangen? | Klik hier


Ander nieuws uit deze sector:


Schrijf je in voor onze dagelijkse nieuwsbrief om al het laatste nieuws direct per e-mail te ontvangen!

Inschrijven Ik ben al ingeschreven