Tholen - "Het is hier net Tsjernobyl, zo leeg is het hier," grijnst Johan Buijs. De uienhandelaar is sinds het begin van het jaar gestopt met zijn uiensorteer- en pakstation in Espel. De machines zijn verkocht aan collega en kameraad Wim Mol van Molnopex. Johan blikt in het vakblad Primeur nog één keer terug op zijn carrière in de uienhandel.
© Buys Onions
"Mijn vader Andre, die vijf jaar geleden helaas is overleden, was actief in de uien en zodoende ben ik er van jongs af aan mee opgegroeid. Pa was een echte handelaar en had in de jaren '80 van de vorige eeuw een uienschuur samen met Mart van Fraassen in Emmeloord. SBF heette de zaak, Schillemans, Buys, Van Fraassen. Samen met Boudewijn van Fraassen, de zoon van Mart en tegenwoordig directeur van LC Packaging, was ik als schooljongen in de schoolvakanties al druk aan het meehelpen met sorteren."
In 1986 ging vader Buijs op eigen benen en kocht hij het huidige pand in Espel. "Mijn moeder heeft de zaak toen ingeschreven als Buys Uienhandel en daar kom je vervolgens nooit meer vanaf," lacht Johan. "Mijn pa vond de handel veel leuker en het sorteren lag hem minder. Zijn activiteiten bestonden dan ook voor 95% uit commissiehandel en de rest werd opgevuld met het sorteerwerk, hoofdzakelijk van industrie-uien."
© Buys Onions
Vader Buijs
AGF-handboek
Zelf kwam Johan in 1993 op 23-jarige leeftijd in de zaak. "Pa ging het toen wat rustiger aandoen en gaf mij de vrijheid om me te ontwikkelen. Zo vond ik het leuk om met machines bezig te zijn. Ik was niet zo op de boer, maar meer een verkoper en daar ontbrak het aan, dus ik kon mijn lol op. Het AGF-handboek was in die jaren – met eerbied gezegd – voor mij een heuse Bijbel. Ik begon bij de A en belde iedereen af of ze geïnteresseerd waren in uien. Zo raakte je toch regelmatig wat pallets kwijt."
In de loop der jaren deden de eerste stapelaars hun intrede en werd het sorteren en verpakken steeds professioneler. "Toen ik begon, moest er nog met de hand gestapeld worden. Als jongen weet ik nog dat er zelfs in de containers nog een keer gestapeld werd. Kom daar tegenwoordig nog maar eens om. Je werd er wel hartstikke sterk van," blikt Johan terug.
© Buys Onions
Ieder jaar werden de zaken uitgebreid. "Dan kwam er weer een mannetje bij, dan weer een heftruck. Zo kwamen we langzaamaan bij de serieuze klanten terecht," blikt de voormalig uienhandelaar terug. "Mijn vader had een goede vertrouwensband met de boeren. Dat was nog in de tijd dat hij twee uur bij de boeren ging kletsen en dat het vijf minuten over de uienprijs ging. Kom daar nu nog maar eens om. Tegenwoordig laten ze vier man komen en mag bij wijze van spreken iedereen een briefje in de hoge hoed doen en wordt het hoogste bod geaccepteerd."
300 ton uien per week
"Uiteindelijk ging mijn vader steeds minder commissiewerk doen en kocht hij steeds meer uien voor mij. Overigens hebben we nooit de ambitie gehad om bij de grootste jongens te horen. We konden in Espel ook niet meer dan 300 ton per week verwerken, daar hadden we de ruimte niet voor. Bij ons ging de handel echt nog per auto, terwijl het bij sommigen tegenwoordig wel met tien tegelijk lijkt te gaan. Maar we hebben daar altijd goed ons kostje mee kunnen verdienen," blikt Johan terug.
De klantenkring bestond voor 98% uit Nederlandse bureau-exporteurs. "Daar heb ik me altijd sterk voor gemaakt. Als je zelf wilde gaan exporteren, moest je er weer een extra mannetje op zetten. Ik heb me juist altijd sterk gemaakt voor onze bureau-exporteurs. Zij konden ervan op aan dat ik nooit achter hun klanten aan ging. En ik vond het een groot voordeel dat je zeker was van je centen. We bedienden wel vijftien tot twintig exporteurs."
© Buys Onions
"Met collega-sorteerders hebben we altijd goed contact gehad. Wel zag je in de loop der jaren de gunfactor minder worden. Exporteurs bleven al snel bij de bedrijven in Zeeland hangen. Vroeger draaiden we in de kerstvakantie bijvoorbeeld altijd door. We hadden toen twee Poolse jongens die in Nederland bleven en met behulp van schoolgasten bleven we in touw. Dat vonden we altijd gezellig. We wisten dat het na half januari, als Afrika stopte met importeren, toch wel rustiger zou worden, dan hadden we weer wat vaker een lang weekend. Maar de laatste jaren waren er geen chauffeurs meer te vinden. Dan weken de exporteurs weer makkelijker uit naar bedrijven in Kruiningen, dichtbij het havengebied."
© Buys Onions
Dat hij de uienhandel van de hand heeft gedaan, verklaart Johan door een samenloop van omstandigheden. "Allereerst door een gebrek aan opvolging. Mijn zoon Jordy heeft drie jaar in het bedrijf gezeten en was een fantastisch harde werker, maar hij zag het niet zitten om de zaak over te nemen. Hij zat graag op de vrachtauto en op de combine en ging uiteindelijk liever bij een ander aan de gang. Dat moet je respecteren."
Grote risico's
"Bovendien moet je niet vergeten dat de machines in korte tijd eens zo duur zijn geworden. Ik kon nu wel gaan investeren in Flikweert-machines, maar er waren op termijn ook aanpassingen aan mijn tweede schuur nodig. Dat zijn grote investeringen, die ook risico's met zich meebrengen. Want er zijn genoeg voorbeelden van bedrijven die geïnvesteerd hebben in machines, maar niet de juiste beslissingen hebben genomen. Daar kun je gerust op stuklopen."
© Buys Onions
"Ook valt het niet mee om aan nieuwe mensen te komen. Vind maar eens een heftruckchauffeur. Het laatste half jaar zat ik bij gebrek aan personeel ook veel zelf op de heftruck. We zitten hier vlakbij Urk en daar zijn er ook genoeg nodig. Dan kom je toch bij Polen en Bulgaren terecht en daar wordt de sfeer niet beter van. Ook de strenge regelgeving en het geneuzel over certificeringen gingen me steeds meer tegenstaan."
"Vergeet niet dat de uienhandel een gejaagd bestaan is. Als ik bij de overheid wat voor elkaar wilde krijgen, moest ik maanden wachten, maar de vracht uien moest altijd morgenochtend gereed zijn. Ging de machine kapot, dan moest je 's avonds weer door. Als je wat ouder wordt, word je daar weleens een beetje flauw van," aldus Johan, die op het laatst nog "een mannetje of vier" aan personeel had.
© Buys Onions
"In al die jaren zijn er natuurlijk hoogte- en dieptepunten geweest. Een dieptepunt was wel dat een chauffeur van ons op zijn hoofd is gevallen en nooit meer teruggekomen is. Ook het overlijden van het opperhoofd kun je gerust een dieptepunt noemen," refereert Johan aan zijn vader. "Maar we hebben zakelijk ook veel goede jaren gehad. Je rolt zo van het ene seizoen in het andere. En we waren gelukkig niet van een bank afhankelijk."
© Buys Onions
Tuktuk
Bang voor het spreekwoordelijke zwarte gat is de uienhandelaar niet. "Sommige mensen kunnen nooit stoppen, maar ik heb het touwtje aan de sleutel zo ingeleverd. Het uienpakstation is verkocht, maar ik heb nog altijd een schuur met 3.000 ton opslagcapaciteit voor peen en uien bij mijn huis. Die gebruikten we altijd vooral voor onze eigen voorraad, maar die gaan we nu aan derden verhuren. Ook heb ik nog een tuktuk en een ouderwetse kniktrekker waaraan gesleuteld moet worden. Inmiddels ben ik al gepolst voor keurmeester en buschauffeur, maar ik ga eerst mijn schuur gereedmaken. Maar wie hulp nodig heeft, kan me altijd bellen. Ik heb mijn vrachtwagenrijbewijs met Code95 en stap zo op de vrachtauto. Ik wil zorgen dat ik in touw blijf, anders word ik veel te dik!"
Voor meer informatie:
[email protected]